Lekkerbekken.

Ooit was een aardappel gewoon een aardappel. Behalve natuurlijk voor een aardappelteler of een student van een Hogere Landbouwschool of zelfs de Landbouwhogeschool.
Nu heet de laatste gewoon Universiteit Wageningen.
En al die hogere landbouwscholen heten nu ook onherkenbaar anders.

Hier in Denemarken hebben we so-wie-so Vildmose piepers en Samsø aardappels en die nog allemaal in verschillende extravagante soorten.
Het is trouwens leuk te horen hoe Denen "Bintje" uitspreken, iets als "Bentsje"

Ooit was een liter melk gewoon een liter melk, nou ja, het mocht eventueel ook karnemelk heten.
En vla was gewoon vla en zag geel en zo hoort het ook. Nu is dat versierd met de meest extravagante fruitsoorten,al of niet echt fruit of met ge-aromatiseerde vezels.

In die oude tijden waren er ook maar twee soorten brood, bruin en wit.
Zou je toen bij de bakker gevraagd hebben om een ciabatta, focaccia of een speciaal schapeboerenbrood, dan had de bakkersvrouw je hartelijk uitgelachen, dat kon toen nog.
Nu kijkt een winkeljuf je meewarig en verwijtend aan, en adviseert je vriendelijk toch maar hun speciale achtentachtig-kruiden-brood eens te proberen.

Want in deze tijd heeft de lekkerbekkerij grote vlucht genomen.
Melk bestaat nu in vele varianten, met evenzovele verschillende vetgehalten en er is zelf melk met ecologie d'rin.
Er is boerenmelk (alsof er ook stadse melk zou zijn). Hier in Denemarken wordt de meeste melk in vele variaties geleverd door ARLA.
Maar er zijn ook nog van die hele kleine "melk"-fabriekjes, die in Nederland allang zijn opge"Campina"-d.
Maar ARLA maakt hier reklame met melk van de "Grønnegaard", wat in Nederland zoiets zou zijn als "Groenegaard", een absoluut geheel groene boerderij ergens zeer plattelands.

Het zal niet zo heel erg lang meer duren of op ieder melkpak staat aangegeven welke koe, met welk afschuwelijk geel oormerk, dit pak heeft geleverd.
Het wordt dan mode om uitsluitend melk te gebruiken van bijvoorbeeld koe nummer 87678954321-28.
De dierenbescherming (en ook de Dierenpartij) is daar natuurlijk hartstikke blij mee, want het schept zo'n persoonlijke band met het dier.

Als je een ijsje koopt krijg je straks een hele familieroman op de verpakking, over welke boerderij nu weer verbonden is met vele generaties van welke familie, die al eeuwenlang roomijsjes produceren.

Vroeger stond er in recepten "zout en peper naar smaak" en dat was het dan. Nu is dat toch effe anders, de peper moet bij volle maan geplukt zijn in de Mekongdelta en er moet minstens ook een curry zus-en-me-zo bij en niet te vergeten trassi, koriander, munt, blauwmaanzaad, kappertjes, en lelijke-eend-pasta van drie sterrenkok Arie Centenmaker.

En uw frikadellen worden straks vervaardigd uit het fijnste rundvlees, gekruid met speciale kruiden van tante Agatha, want van leugens is in die wereld nog niemand ooit gebarsten.

Maar de puntjes op de i, komen natuurlijk van het zout. Mijn moeder had altijd zo'n grijze aardewerkpot met een kilo zout erin. Maar dat is mooi over.
Nu al kun je hier van de planken in de supermarkt een stuk of tien verschillende zoutsoorten pakken en we kopen vreselijk duur gourmet-zout in kleine verpakking, koud gezied uit het fijnste zeewater, is het niet in Frankrijk, dan toch wel op het Deense eiland Laesø.
Laesø-zout heeft ongeveer de prijs van cocaine op de zwarte markt.
Over enige tijd heeft een beetje zichzelf respecterend restaurant niet alleen een wijnkaart, maar bij je eitje ook een zoutkaart, waar je even dom in kan gaan zitten kijken, om dan tenslotte toch maar "sel-du-maison", zout van het huis, te kiezen.

Heeft u het ooit zo zout gegeten?

Groeten van Hans en Gerda