Melk halen.

Het was 1950, mijn vader was stalcontroleur en ik ging naar de HBS in Leiden.
Volgens "meester Strik", het hoofd van de R.K. Jozefschool in Lisse, waar wij woonden, paste dat niet samen.
Niet dat ik die HBS niet zou aankunnen, maar "uw zoon op de Hogere Burgerschool?"
Pa was kwaad, behoorlijk kwaad.
Strik had al niet veel krediet, maar nu had ie wel alles verspeeld. Gevolg was wel dat Strik mij geen bijles gaf voor het toelatingsexamen, maar een van de mindere goden: meester van Wickeren.
Toen ik slaagde voor het toelatingsexamen kreeg ik een (tweedehands) fiets en kon voortaan mooi elke dag zo'n 15 km heen en 15 km terug fietsen. Bij hééél slecht weer kon er dan weleens een tram- (later bus-) kaartje vanaf. "Da's gezond", zei Pa en daarmee was de kous af.

Dat Pa stalcontroleur was, betekende dat hij naar de boeren toeging, vooral als ze "derde klas" hadden.
Ze hadden dan niet schoon genoeg gewerkt, of d'r was wat anders naars met de melk.
En het betekende ook dat ik "melk moest halen".
Dat zat zo: Bij de zuivelfabrieken werden elke dag monsters genomen van de aangeleverde melk, 'n kwart liter per boer.
Die monsters werden dan onderzocht op eiwit, vetgehalte en reinheid. Voor die laboratoriumonderzoeken was niet zo heel erg veel melk nodig, dus van ieder monster bleef flink wat over, dat was voor het personeel van de dienst, een soort betaling in natura, (en met Pa's karige salaris een welkome aanvulling!)
Ik moest dat dan drie tot vier keer in de week laat in de middag vijf liter ophalen bij het laboratorium aan de Morsweg in Leiden. In m'n fietstas had ik zo'n zwaar metalen bus, waar dat in kon. Meestal was dat met de tijd niet zo'n probleem, want er werd toen nog tot een uur of vier les gegeven. Maar woensdagmiddag waren er geen lessen, dus moest ik een middag in Leiden blijven.

Ik heb daardoor Leiden, en de Leidse musea, grondig leren kennen, daar kon je toen nog voor een kwartje (of gratis) in!

In de Lakenhal hing o.a. het beroemde "Laatste Oordeel" van Lucas van Leyden uit 1528, de tijd van Luther dus.


Dat was een buitengewoon spannend schilderij, want er hingen altijd gordijnen voor.
Als je een paar keer op woensdagmiddag in zo'n stil museum komt, leren de suppoosten je kennen, dus toen ik eens vroeg of ik het schilderij mocht zien, werden de gordijntjes danook grootmoedig opzijgeschoven.

Ik was meteen lam en uit 't lood geslagen.
Er was NAAKT te zien! Veel naakt, en heel erg naakt!
Naakte mannen en vooral ook naakte vrouwen, die op het middenpaneel kennelijk werden gescheiden door geklede engelen en naakte afzichtelijke duivels.
Naar het linkerpaneel, waar de hemel is, gaan engelen en brave zielen; naar het rechter paneel, waar de hel is, gaan de duivels en slechterikken.
Maar al dat naakt mocht toen niet gezien worden en zeker niet door zo'n puber van 'n jaar of 14 met zijn "hormonale problemen". Daarom dus die gordijnen!
En toen ik goed durfde kijken, zag ik dat er op dat naakt, op strategische plaatsen, heel handig, net "niks" te zien was!

Alles werd op het schilderij van boven door God gadegeslagen en gedirigeerd, samen met een stelletje geklede, dus saaie, heiligen die nauwelijks belangstelling hebben en maar een beetje voor zich uit zitten te staren. Omdat ze heilig zijn durven ze misschien niet eens te kijken.

God zelf zit er naakt bij, maar dat stelt ook weer niet zoveel voor, door zo'n lap strategisch over zijn schoot. De hel ziet er wel erg verschrikkelijk uit, mensen worden opgeslokt door een akelig monster met een groot vuur in de bek. Maar de hemel leek mij daarentegen weer erg saai. Maar, zoals het zo dikwijls is, er is natuurlijk weer geen tussenweg.

Een toegesneld medewerker van het museum kon het natuurlijk niet laten om dat nieuwsgierige jongetje wat te leren. Over Renaissance en Middeleeuwen, waar Lucas van Leyden net een tussenpositie inneemt, middeleeuws nog wat de sfeer betreft, maar de mensen zijn al realistisch, geen clichées meer zoals de heiligen en engelen. Het naakt maakte véél meer indruk, maar ...

Er moet nog melk gehaald worden en naar huis gefietst ... in de regen.

Groeten van Hans en Gerda.